Gisteravond naar Victoria gegaan, de roeicliub aan de Amstel. Een paar rustige uurtjes en er waren niet zoveel leden die kwamen eten, komt door de zomervakantie. Er was Hollandse macaroni met een sinaasappel toe. Het was prima verder. Wel wat bekenden gezien en kort met ze gesproken. Ook kwam ik Jaap tegen en hebben we samen gegeten en nog wat nagezeten op het terras. Allebei aan het tapbier. Jaap zit al bijna zestig jaar op de club, al sinds eind jaren vijftig, onvoorstelbaar. Lid geworden toen hij student was, maar Victoria is al lang geen echte studentenclub meer. Het is een vereniging voor de wat oudere vrijetijdsroeier, maar wel met een bloeiende jeugdafdeling.

Ik ben er gaan roeien toen we Freek erop deden toen hij tien jaar was. Voetballen zagen we niet zitten, vooral niet omdat we als ouders dan steeds bij de wedstrijden langs de lijn moesten staan en we hadden ook geen tijd en zin met halen en brengen. Freek had op de middelbare school nog zelf kunnen kiezen om te gaan voetballen, maar dat kwam er niet van. Hij bleef tot en met zijn studie roeien op Victoria. En nu doet hij in Den Haag aan windsurfen, bij een club op Scheveningen. Hij is gek op water, ik ook. We hebben vroeger samen leuk geroeid door de jaren heen. Vader en zoon.

Jaap is taxateur geweest bij vonduehuis de Staalmeesters en is wel wat kakkineus, maar ook altijd een jazzcat geweest. Hij mag graag vertellen over het Amsterdamse jazzleven van de jaren vijftig en zestig; de legendarische nachtconcerten in het Concertgebouw en de optredens in club Sherezade. Bij zijn pensioen, een jaar of tien geleden, gaf hij een borrel thuis in zijn flat in Buitenveldert voor zijn vele roeimaatjes en ik heb toen zijn grote vinylcollectie met jazzplaten gezien en gehoord. En nu is vinyl weer helemaal terug en Jaap verzamelt nog steeds jazzschijven, vaak dure collectorsitems. Hij hoeft geen Spotify, alleen vinyl en cd’s thuis draaien is meer dan genoeg. Ik hou zeker ook van jazz, vooral van de bebop, maar ik ben daar pas laat mee in aanraking gekomen. Dat was midden jaren tachtig toen ik onder de hoede kwam van mijn journalistieke leermeester Henk, Henk den Uyl, de rechtbankverslaggever van de krant en die ik in 1992 opvolgde. Hij was een oude rot in het vak en kende iedereen. Alleen feiten, geef nooit meningen was zijn credo, ook al was je het totaal niet eens met een rechterlijke uitspraak. Veel bij hem thuis geweest en op zijn muziekkamer gezeten, praten over de krant en de zaken en tussendoor veel Parker, Monk en Mobley gehoord, zijn drie grote helden. Hij vertelde me alles over het opwindende geluid van de saxofoon van Bird, over de soms onnavolgbare en grillige syncopische pianoloopjes van Monk, een genie, en Mobley werd totaal onderschat. Henk was een fijne vent en een bezeten man, vooral in zijn vak. Hij zag eruit als Dick Bos, de detective uit de strips van na de oorlog: lang, mager, maar met een fysiek sterke uitstraling en met naar achteren, plat gekamd zwart brylcreemhaar. Hij was een matige drinker, maar rookte als een schoorsteen Caballero’s en is er veel te jong aan overleden. Ik heb nog op zijn crematie gesproken, de enige keer dat ik dat gedaan heb, als vriend. Ik mail nog wel eens met zijn zoon. Die is een paar jaar ouder dan ik.

Ik heb altijd een brede muzieksmaak gehad, maar ik ben er nooit heel fanatiek in geweest. Het meest houd ik van wat vuige en gruizige gitaarrock, bij voorkeur een Brits bandje zoals de Arctic Monkeys. Maar zoals de laatste maanden ook veel naar klassiek achtergrondbehang geluisterd op de radio. Rap, hiphop en dance zijn aan mij voorbijgegaan, niet aan Freek en Lieke. Ze sturen weleens een playlist van Spotify die ik dan zelden helemaal afluister. Wel die van mijn oude schoolvriend Jasper uit Den Haag. Die was bezeten van muziek, nog steeds, en gaat nog geregeld naar concerten, goede smaak en binnen mijn straatje. Een enkele keer gaan we samen naar een optreden, zoals vorig jaar nog naar een puike nieuwe ska-band in de Melkweg. Ik kan even niet op de naam komen. Maar lekker hoor ska. Maar ook singer-songwriters, countryrock, het betere Nederlandstalige lied en natuurlijk David Bowie. Bowie deelde ik ook met Ank. Een paar keer met Jasper, en ook met oud-schoolgenoot Hans erbij, met zijn drieën een weekend naar North Sea Jazz geweest toen het nog in Den Haag zat. Van alles gehoord, Miles Davis gezien en een keer James Brown, die vind ik dan weer klasse vanwege zijn dampende dansmuziek. Altijd van dansen gehouden op feestjes. Maar dan ook helemaal uit je dak gaan op een punkplaatje van Iggy Pop.

Jaap heeft het altijd nog over zijn vrouw die een paar jaar gelden overleed aan Alzheimer. Tot het laatst voor haar gezorgd. Er is geen ruimte meer voor een nieuwe vrouw op zijn leeftijd, maar mij spoorde hij weer aan om vooral achter de meisjes aan te gaan. Ik vertelde kort dat ik me nu even niet zo senang voel met het werk, maar dat wat de dames aangaat ik mijn best blijf doen. Ciao Jaap, we mailen nog en gaan we er weer een keer op uit in een dubbel-twee.

Vandaag een rustig, kabbelend dagje verder, wat mailtjes opgepakt en afgewerkt. Roelie komt maandag na drie maanden weer schoonmaken, de hulp die in principe eens in de twee weken komt en de boel hier grondig aan kant maakt. Heel plezierig. Roelie heb ik destijds overgenomen van de vorige huurder van de woning. Roelie is inmiddels een wat oudere Surinaamse vrouw die met wat adresjes er zwart wat bijklust. Aanvankelijk voor haar twee opgroeiende dochters als alleenstaande moeder en nu voor haar volkstuintje, haar paleisje in de Watergraafsmeer. Ze is goed en betrouwbaar. We kunnen het prima vinden, al communiceren we de laatste jaren vooral via de mail. Op maandagmorgen ben ik er doorgaans niet en heb ik redactievergadering binnenland op de krant, maar aanstaande maandag ben ik gewoon thuis. Ik kijk wel of ik dan toch al vroeg de deur uitvlucht. Ik zie wel.

Vanmiddag overwogen om de Spaanse gitaar weer eens op te pakken, maar toch nog geen goesting. Hij hangt aan twee spijkers te wachten aan de muur. Op de gitaar ontdekte ik na mijn mislukte studie The Beatles, ruim na de jaren zestig en zeventig. Dan maar geprobeerd om een tukje te doen op de bank, maar dat lukte niet. Daarna naar de supermarkt geweest in de Roeterstraat en een groene couscous-maaltijdsalade gekocht en die opgevrolijkt met een blikje tonijn in olie. Pistoletje erbij met een roomboterkrul, glaasje wit. Morgen naar de Hortus met Lydia, vroeg naar bed, vroeg op. Ik ben nu bekaf.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s